Lage laadkosten van je elektrisch wagenpark? Dat heb je grotendeels zelf in handen

Lage laadkosten van je elektrisch wagenpark? Dat heb je grotendeels zelf in handen

Opinie: Jean-François Cheyns, oprichter van MobilityPlus

Overstappen op elektrisch rijden, levert je bedrijf een fikse besparing op in de total cost of ownership (TCO) van je wagenpark. Maar alleen als je hele team op een slimme manier kiest voor de voordeligste laadopties. En daar draag je vooral als werkgever de verantwoordelijkheid voor. Geef je iedereen vrij spel, dan kan het je toch bijzonder duur komen te staan.

Een laadpas is geen tankkaart

Met een laadpas in de hand, laad je zorgeloos aan publieke laadpalen in binnen- en buitenland. Zorgeloos, maar niet kosteloos. Een laadbeurt aan een publieke laadpaal komt al snel vijf keer duurder uit dan op het werk. Je kan daar misnoegd over zijn, maar eigenlijk is dat maar normaal. Je betaalt voor extra comfort en ultrasnelle laadbeurten die je in vele gevallen niet nodig hebt.

Veel EV-sceptici en helaas ook heel wat bedrijven zijn nog niet helemaal mee met dat idee. Of ze weten niet goed hoe ze die dure publieke laadpalen kunnen vermijden. Zo zien we dat in sommige bedrijven de werknemers hun laadpas net zo gebruiken als een tankkaart. Batterij bijna leeg? Op naar de dichtstbijzijnde publieke laadpaal. En zo drijven ze de kosten op, soms zelfs tot ze die van de vroegere benzine- of dieselkosten overstijgen.

Wat bepaalt de prijs van een publieke laadbeurt?

Er komt meer kijken bij publiek laden dan je zou denken. Toestel plaatsen en klaar? Wel nee, meerdere partijen zorgen ervoor dat jij comfortabel en snel kan laden langs de openbare weg. En dat doen ze natuurlijk niet voor niets.

Zo is er de laadpaalbeheerder die de publieke laadstations plaatst en onderhoudt. Die moet z’n investering zien terug te verdienen door stroom te verkopen. Daarom neemt het bedrijf een marge op de reële elektriciteitskost. Bij snelladers is die marge het hoogst, omdat die toestellen simpelweg een pak duurder zijn. Soms rekent de beheerder ook een starttarief aan en/of een prijs per minuut.

Daarnaast ontwikkelen laadpasaanbieders hoogtechnologische ecosystemen zodat je met één laadpas zowat overal kan laden. Roaming, heet dat, en ook daar zijn kosten aan verbonden.

De holy grail: een slimme laadmix

Hoe pak je het dan wel aan? Door je laadinfrastructuur slim te kiezen en te gebruiken, en je laadstrategie op te bouwen in drie etappes:

1. Laden op het werk

Stuur aan op zoveel mogelijk laden op je bedrijfssite. Dat is het goedkoopst: de gemiddelde laadkosten op het werk schommelen tussen 5 en 25 cent per kWh.

Als bedrijf kan je namelijk vaak onderhandelen over voordeligere elektriciteitstarieven. Om de kosten nog verder te drukken, komt een energiecontroller handig van pas. Zo’n systeem spreidt de beschikbare energie over je gebouw en je laadpalen, waardoor je duur piekverbruik vermijdt.

Tip: ook als je zo ecologisch mogelijk wilt laden, is het werk de beste plek. Op je bedrijfssite heb je vaak makkelijker toegang tot duurzame energie of heb je al een groenestroomcontract afgesloten. Als je ook je eigen zonnepanelen hebt, dan kan je pas echt goedkoop én groen laden door onze energiecontroller eraan te koppelen.

2. Thuis laden

Om te vermijden dat je medewerkers vaak publiek moeten laden – en hen meer comfort te bieden – kan je laadpalen bij hen thuis installeren. Als de energiemarkt stabiel is, liggen de gemiddelde laadkosten voor thuisinstallaties rond 25 cent per kWh.

Tip: kies altijd voor laadpalen met een gecertificeerde MID-meter. Daarbij mag je 100% zeker zijn dat de gemeten laadsessies correct zijn, want zo’n toestel is geijkt en gekeurd. Dat is belangrijk als je de laadkosten van je werknemers terugbetaalt. Bij laadpalen zonder MID-meter kunnen de geregistreerde kWh tot wel 10% afwijken van de realiteit.

Klop je bij MobilityPlus aan voor een laadpaal , dan heeft die altijd zo’n MID-meter.

3. Publiek laden

Bij een middelsnelle publieke laadpaal (AC) betaal je gemiddeld tussen de 35 en 40 cent per kWh, en bij een snellader (DC) zelfs 60 tot 70 cent. Het is duidelijk: publiek laden is een laatste redmiddel.

Tip: in de app van MobilityPlus kan je in real time de laadtarieven raadplegen van de publieke laadpalen in je buurt. Vergelijk dus zeker de prijzen om toch het voordeligste tarief in de regio te vinden. Download de app voor Android of iOS.

Neem de optimale laadmix op in je e-car policy

Hét instrument om je hele team op het juiste laadpad te krijgen, is je e-car policy. Daarin maak je duidelijke afspraken over hoe vaak iemand op een bepaalde locatie mag laden. Of zeker: toon je aan hoe je met hetzelfde laadbudget meer kilometers kan rijden door op de juiste locaties te laden.

Een voorbeeld: je werknemers krijgen een laadbudget van 200 euro per maand. Laden ze daarmee 60% op het werk, 30% thuis en 10% publiek, dan kunnen ze zo bijvoorbeeld gemiddeld 1000 kilometer afleggen. Die ideale laadmix neem je op in je e-car policy. Laden ze daarentegen veel meer aan een publieke laadpaal, dan kunnen ze met hetzelfde laadbudget ook veel minder kilometers rijden.

In de verbruiksrapporten van de laadsessies kan je nadien nagaan in welke mate je medewerkers je vooropgestelde laadmix respecteren.

Belangrijk: leg op voorhand ook in je e-car policy vast wat er gebeurt als ze dat niet doen: het surplus bovenop het laadbudget zelf betalen of sancties invoeren, meteen of na een aantal verwittigingen. Dat bepaal je natuurlijk zelf.

Voordelig en ecologisch laden: een gedeelde verantwoordelijkheid

Bied je je medewerkers de mogelijkheid om op het werk en thuis hun elektrische bedrijfswagen op te laden aan slimme laadinfrastructuur? Geweldig. Zo hoeven ze enkel in uiterste nood een pitstop te maken aan een dure publieke laadpaal. Om de optimale laadmix ook echt in te burgeren, neem je ‘m op in je e-car policy. Houdt je hele team zich er netjes aan, dan kan je tot de helft van je vroegere benzine- of dieselkosten besparen.